De tuin is een liefhebberstuin van ongeveer 19 are groot, die naar eigen ontwerp, zonder dat er ooit potlood en papier aan te pas zijn gekomen, is ontstaan. Paden werden aangelegd op de meest logische looproute naar allerlei onderdelen.
Eerst werd de oude boerderij/bakkerij verbouwd en was er enkel een flink grasveld en een geweldig oerwoud aan cotoneasters.
Veel wist ik niet over tuinen, maar wel dat ze vooral groen en ondoordringbaar moesten zijn.
Zijn definitieve vorm heeft de tuin pas in 1990 gekregen toen ik, niet gezegend met een paar groene handen, het boek “Droomplanten” van Piet Oudolf en Henk Gerritsen kocht en er een fantastische (planten)wereld voor mij openging.
Na deze aankoop zouden er nog vele volgen.

 

Van de hele tuin heeft de voortuin de meeste veranderingen ondergaan, voordat hij zijn definitieve vorm kreeg. Namelijk een strakke indeling met hagen van taxus en buxus. De grond is er erg slecht. Ik koos ervoor om de beplanting aan te passen aan de grondsoort, zodat er niet al te veel wil groeien. Maar met grassen, hemerocallissoorten, ieder jaar bollen en wisselende eenjarigen ziet het er toch uitnodigend uit.

 


We gaan  samen door de blauwe tuinpoort, komen langs de pergola in de achtertuin. Ik leid u langs mijn tuinpad en… dan is het lente met helleborus in de mooiste kleuren en vormen, wintergroene varens, brunnera in blauw en wit, allerlei kleine verwilderingsbolletjes, tulpen, narcissen, longkruid. Tegen het einde van de maand april worden de helleborussen steeds valer van kleur, ze krijgen prachtige dikke zaaddozen; tijd om ze af te knippen.

 

Het wordt tijd voor...rozen, clematissen en de zomer In de rode border vormt dahlia Bishop of Llandaff nu het onbetwiste middelpunt, met monarda gardenview scarlet, vaste rode lobelia en potentilla “flambeau”.
In de pastelborders o.a. flox, ridderspoor, lythrum salicaria, acanthus mollis, geraniums.
In de gele border ligularia in allerlei variëteiten, kirengeshoma, persicaria polymorfum, aralia californicum, maar altijd - in elke border - zijn daar de combinaties met prachtige bladplanten als hosta’s, rodgersia’s, veratrums, paris quadrifolia, epimedium, asarum, cimicifuga’s en natuurlijk mijn lievelingsplanten: de varens.

 

Verder langs het tuinpad. De nachten worden al langer, de lucht is nevelig, de tuin is vochtig van de ochtenddauw en overal maken spinnen het prachtigste spinrag. Het wordt herfst. Nog is de tuin schitterend. Met herfstasters en –anemonen, heerlijk geurende cimicifuga’s, agastaches, sedums, vernonia, heleniums, in combinatie met de mooiste siergrassen. En toch … de tuin wordt stilletjesaan donker, alles wordt bruin en dor, en - tegen beter weten in - hou ik mezelf voor, dat vergankelijkheid ook mooi is. Als de herfststormen nog wat uitblijven en de eerste nachtvorsten een poedersuikerlaagje strooien over de planten in de borders, is het nog steeds genieten.

 

En zo gaan we richting winter, niet echt mijn favoriete tuinseizoen.
In de tuin doe ik niets meer. Het afknippen van dode plantenresten en zaadstengels is streng verboden. Insecten en allerlei kleine dieren vinden daarin schuilgelegenheid en nog wat te eten in barre tij­den. Op die manier valt er voor mijzelf, na een nachtvorst of wat lichte sneeuw, ook nog veel te genie­ten.
Juist op die momenten ziet de tuin er sprookjesachtig uit. De strakgeknipte hagen geven in de winter extra structuur. Als de feestdagen voorbij zijn, loopt mijn winterslaap zo ongeveer tegen het einde en met één januari op de kalender, kijk ik alweer vooruit naar een nieuw begin.

 

   

 

 


Voortuin

Klik op de foto voor meer foto's van de voortuin.
 

Klik op de foto voor meer foto's van de tuin in de lente.
 

Klik op de foto voor meer foto's van de tuin in de zomer.
 

Klik op de foto voor meer foto's van de tuin in de herfst
 

Klik op de foto voor meer foto's van de tuin in de winter.